Nummer 19, Oktober 2016
Coming Out-Dag 2016

Recordaantal gemeenten hijsen regenboogvlag

Op of rond 11 oktober worden in het hele land Coming Out Dag-activiteiten georganiseerd. 11 oktober is Coming-Outdag. Wereldwijd wordt er dan aandacht besteed aan het moment dat een homo, lesbienne, biseksueel of transgender openlijk voor zijn of haar seksuele voorkeur of genderidentiteit uitkomt. In 2009 riep de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de datum 11 oktober ook voor Nederland uit tot Nationale Coming-Outdag, om daarmee de sociale acceptatie van LHBT's te bevorderen. Een recordaantal gemeenten zal een regeboogvlag hijsen op 11 oktober as. Ook, provincies en de ministeries van OCW en Sociale Zaken en Werkgelegenheid hijsen de regenboogvlag. 

Gemeenten die de regenboogvlag hijsen zijn: Aa en Hunze, Alkmaar, Almere, Amersfoort, Amsterdam, Alphen, Arnhem, Assen, Barendrecht, Bergen op Zoom, Borsele, Boxtel, Breda, Brunssum, Capelle aan de IJssel, Delft, Den Bosch, Den Haag, Deventer, Dordrecht, Dronten, Eindhoven, Enschede, Goeree-Overflakkee, Goes, Goirle, Gouda, Groningen, Haarlem, Halderberge, Heerlen, Helmond, Hellendoorn, Hengelo, Hilversum, Hoorn, Hulst, Kaag en Braassem, Katwijk, Laarbeek, Leeuwarden, Leiden, Leidschendam-Voorburg, Lansingerland, Lelystad, Maastricht, Middelburg, Nieuwegein, Nijmegen, Noordwijk, Oldambt, Oss, Peel en Maas, Pijnacker-Nootdorp, Purmerend, Rijswijk, Roermond, Roosendaal, Rotterdam, Schiedam, Schijndel, Simpelveld, Sint-Oedenrode, Sittard-Geleen, Sluis, Steenbergen, Súdwest-Fryslân, Tilburg, Uithoorn, Utrecht, Valkenburg, Veere, Veghel, Venlo, Venray, Vlissingen, Wageningen, Weert, Westervoort, Westland, Wijchen, Zaanstad, Zeist, Zoetermeer, Zuidplas, Zundert en Zwolle.

De regenboogvlag wordt ook gehesen door de provincies: Flevoland, Friesland, Gelderland, Limburg, Noord-Holland, Overijssel, Utrecht en Zuid-Holland. En voor het eerst in Regenbooggemeente Drenthe.

Lees hier meer over Coming Out Dag 2016 op de website van COC Nederland.

COC spreekt met minister Van der Steur over veiligheid LHBTI’s

COC Nederland heeft op donderdag 29 september jl. gesproken met minister van Veiligheid en Justitie Ard van der Steur over de veiligheid van lesbiennes, homo’s, bi’s, transgenders en mensen met een intersekseconditie (LHBTI’s). COC Nederland sprak zijn diepe zorg uit over het feit dat honderdduizenden LHBTI’s met discriminatie te maken krijgen, maar dat daarvoor jaarlijks slechts een klein aantal daders veroordeeld wordt. Minister Van der Steur noemde deze zorgen ‘deels terecht’.

Het COC drong aan op prestatieafspraken met politie en Openbaar Ministerie om er voor te zorgen dat meer daders van discriminatie worden vervolgd en veroordeeld. De minister wil dat de leiding van de Nationale Politie en het Openbaar Ministerie hierover in gesprek gaat met het COC, en zal daartoe het initiatief nemen.

Toen onlangs naar buiten kwam dat de politie slechts een klein deel van de aangiften van discriminatie ter vervolging doorstuurt naar het Openbaar Ministerie, ontstond de indruk dat het OM deze kwestie wilde oplossen door de regelgeving (Aanwijzing Discriminatie) aan te passen en ‘de lat lager te leggen.’ Minister Van der Steur ontkende dat tegenover het COC, volgens hem is er vooralsnog geen sprake van dat de Aanwijzing Discriminatie naar beneden wordt aangepast.

Meerouderschap

Tijdens het gesprok bood het COC bijna vijfduizend handtekeningen voor meerouderschap aan de minister. De ondertekenaars willen dat de minister snel een wet maakt waardoor kinderen meer dan twee ouders kunnen krijgen. De handtekeningen werden afgelopen weken verzameld door Ouders van Nu, Meer dan Gewenst en COC.

De minister onderstreepte het belang van een goede meerouderschapsregeling tijdens het gesprek met het COC. Hij heeft de Staatscommissie Herijking Ouderschap opdracht gegeven naar de kwestie te kijken en verwacht hun voorstel begin december naar de Tweede Kamer te kunnen sturen.

Steeds meer mensen vormen een meeroudergezin, bijvoorbeeld een lesbisch paar dat een kind opvoedt met een biman of een homopaar. Naar schatting van het COC gaat het om duizenden gezinnen in Nederland. Volgens de wet mag een kind nu niet meer dan twee ouders hebben. Dat kan kinderen in meeroudergezinnen in grote juridische en financiële problemen brengen.

U kunt hier op de website van COC Nederland meer lezen over het gesprek.

Minister kondigt expliciet verbod van discriminatie van transgender aan

In brief aan de Tweede Kamer

Het verbod op discriminatie van transgenders wordt expliciet in de wet opgenomen. Dat heeft Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties laten weten in een brief die hij op 23 juni jl. naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. In deze brief gaat hij in op de  mogelijkheden om het verbod van discriminatie op grond van genderidentiteit en genderexpressie expliciet te maken.  Nu volgt het verbod van discriminatie van transgenders uit het verbod van onderscheid op grond van geslacht dat is neergelegd in artikel 1 van de Grondwet en in de Algemene wet gelijke behandeling. Minister overweegt ook mensen met een intersekse-conditie expliciet in de wet te beschermen tegen discriminatie.

Onderzoek naar transgenders in Nederland

Eerste deel van de brief geeft een overzicht naar bestaand onderzoek van discriminatie van transgenders in Nederland. Onderzoek geeft aan dat van de Nederlanders tussen de 15 en 70 jaar, naar schatting 48.000 personen een incongruente of ambivalente genderidentiteit heeft : dat wil zeggen  dat er bij hen een incongruentie bestaat tussen het geslacht dat bij de geboorte is toegekend en het beleefde geslacht, of dat zij ambivalent zijn ten aanzien van het beleefde geslacht. De term transgenders wordt gebruikt om de groep mensen aan te duiden bij wie de genderidentiteit (het beleefde geslacht) niet (geheel) overeenkomt met het bij de geboorte toegekende geslacht. Onderzoek toon aan dat de transgenders te maken met pestgedrag, uitsluiting of discriminatie vanwege hun transgender zijn.

Stand van zaken

Het tweede deel van de brief gaat in op de manier waarop discriminatie van transgenders is verboden in Nederland. Het verbod van discriminatie van transgenders volgt uit het verbod van onderscheid op grond van geslacht dat is neergelegd in artikel 1 van de Grondwet en in de Algemene wet gelijke behandeling. Diverse organisaties echter, zoals het College voor de Rechten van de Mens en belangenorganisaties zoals het COC, het Transgender Netwerk Nederland (TNN) en de Europese belangenorganisatie Ilga-Europe hebben aanbevolen om transgenders expliciet te beschermen tegen discriminatie.

Wijziging van de Algemene wet gelijke behandeling (Awgb)

Minister gaat in op de Algemene wet gelijke behandeling en hoe deze te wijzigen om het verbod van discriminatie van transgenders expliciet te maken. Er zijn meerdere mogelijkheden om deze wijziging vorm te geven. Allereerst is het mogelijk om een nieuwe discriminatiegrond toe te voegen aan de lijst met discriminatiegronden die worden genoemd in artikel 1, eerste lid, onder b en c, Algemene wet gelijke behandeling. Een andere mogelijkheid is het opnemen van een nieuw artikel lid in artikel 1 Algemene wet gelijke behandeling. , vergelijkbaar met het tweede lid van artikel 1 Awgb. In dat artikellid wordt dan vermeld dat onder direct onderscheid op grond van geslacht mede moet worden verstaan onderscheid op grond van genderidentiteit en eventueel ook genderexpressie.

Mensen met een intersekseconditie

Mensen met een intersekse-conditie zijn mensen die zijn geboren met een lichaam dat niet duidelijk man of vrouw is. Ook zij worden beschermd tegen discriminatie door  de huidige gelijkebehandelingswetgeving. In deze brief overweegt de minister om in de Algemene wet gelijke behandeling discriminatie van mensen met een intersekse-conditie expliciet op te nemen.

Slot

In de brief geeft de minister nadrukkelijk aan dat de Algemene wet gelijke behandeling gewijzigd gaat worden worden om het verbod van discriminatie van transgenders te expliciteren. Wellicht wordt in de wet ook het verbod van discriminatie van mensen met een intersekse-conditie expliciet opgenomen. Minster kondigt dus een wetswijziging aan maar het is niet duidelijk nog wanneer het wetsvoorstel naar de Tweede Kamer verstuurd wordt.

U kunt hier de brief lezen.

Haast alle scholen besteden aandacht aan seksuele diversiteit

Kwaliteit onderwijs laat te wensen over

Een grote meerderheid van de scholen voldoet aan hun wettelijke opdracht om voorlichting te geven over respectvol omgaan met seksuele diversiteit. Dat blijkt een onderzoek van de Inspectie van het Onderwijs.  Voor wat betreft de kwaliteit van het onderwijs constateert de inspectie dat het onderwijs gericht op omgaan met seksualiteit en seksuele diversiteit vaak incidenteel van karakter is, weinig doelgericht en leraarafhankelijk. In 2012 werd het verplicht voor alle scholen om voorlichting te geven over respectvol omgaan met seksuele diversiteit. Dit onderzoek van de Inspectie is uitgevoerd  op 67 scholen voor basisonderwijs, voortgezet onderwijs, speciaal onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. Op 2 september jl. werd dit rapport met brief aan de Tweede kamer gestuurd door de Minister van onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Inspectie constateert gebrek aan kwaliteit

Voor wat betreft de kwaliteit van het onderwijs constateert de inspectie dat het onderwijs gericht op omgaan met seksualiteit en seksuele diversiteit vaak incidenteel van karakter is, weinig doelgericht en leraarafhankelijk. Het aanbod is niet verankerd in het curriculum en niet georganiseerd vanuit doorlopende lijnen, waarin de aandacht die het onderwerp op verschillende momenten en plaatsen in het curriculum krijgt, is afgestemd. Het aanbod bestaat vaak uit losse lessen, die daar apart voor worden gegeven en weinig verbinding hebben met het overige onderwijs, of blijft geïsoleerd binnen de momenten uit de lesmethode. Al met al komt het onderwerp vaak slechts beperkt aan de orde. Naast aandacht vanuit de methode of in aparte lessen, wordt gebruik gemaakt van projecten, gastlessen en materiaal van buiten. Ook incidenten of gebeurtenissen uit de actualiteit zijn reden aandacht aan het onderwerp te geven. Verder valt op dat scholen beperkt inzicht hebben in het resultaat van het onderwijs, en daar ook niet zozeer op gericht zijn.

U kunt u hier het rapport downloaden.

Brief van de Minisiter van OCW kunt u hier downloaden. 

20 jaar succesvolle buurtbemiddeling

Benchmark van het CVV

In 231 gemeenten kunnen bewoners een beroep doen op buurtbemiddelaars; een gestaag groeiend aantal. Er zijn in Nederland 390 gemeenten. Dit blijkt uit de jaarlijkse benchmark van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV). Buurtbemiddeling vergroot al 20 jaar de leefbaarheid en veiligheid in de buurt en stimuleert het prettig omgaan tussen buurtgenoten. Burenruzies en conflicten in de buurt worden opgelost door vrijwilligers die op verzoek gratis komen bemiddelen.

Buurtbemiddeling wordt door gemeentes, politie, corporaties én burgers erkend als belangrijke mogelijkheid om een burengeschil effectief op te lossen. De ambassadeurs van buurtbemiddeling pleiten er dan ook voor dat bewoners van alle Nederlandse gemeenten gebruik kunnen maken van buurtbemiddeling. Volgens Frannie Herder, adviseur bij het CCV, is het succes van buurtbemiddeling te danken aan de belangeloze inzet van zo’n 2.600 vrijwilligers. "Zij ondersteunen buren bij het oplossen van diverse conflicten, die steeds vaker heel complex zijn. Door hun participatie leveren zij een belangrijke bijdrage aan een leefbare en veilige woonomgeving."

Ambassadeurs voorstander van standaard aanbieden

"In Almere wordt deze methode al bijna 20 jaar aangeboden", vertelt Franc Weerwind, burgemeester van Almere en ambassadeur van buurtbemiddeling. "Alle gemeenten in Nederland zouden deze dienstverlening standaard moeten willen aanbieden zodat inwoners zelfstandig naar een oplossing voor burenoverlast kunnen zoeken." Ook Mr. Frank Visser is ambassadeur van buurtbemiddeling. Hij zag als rechter veel burenruzies voorbijkomen. "Mensen die woonoverlast ervaren, moeten zo snel mogelijk bij buurtbemiddeling aan de bel trekken. Dan is de kans op een oplossing het grootst. Ik pleit ervoor dat álle gemeenten buurtbemiddeling gaan aanbieden."

Een aantal feiten op een rij

In 2015 kwamen er bij de organisaties die deelnamen aan de benchmark ruim 12.000 zaken binnen. Het oplossingspercentage van de behandelde zaken is maar liefst 70%. De aard van de klachten is in 20 jaar tijd niet wezenlijk veranderd. De meeste klachten gaan nog altijd over geluidsoverlast. Ruzies over de tuin, zoals over schuttingen en overhangende takken komen veel voor, maar ook overlast van dieren zorgt voor veel klachten. Het aantal complexe buurtbemiddelingszaken, waarbij bijvoorbeeld psychosociale problematiek komt kijken, neemt de laatste jaren toe. De politie en woningcorporaties verwezen in 2015 ten opzichte van 2014 minder zaken door (respectievelijk 2% en 4% minder). Dit is in lijn met de trend dat zowel de politie als de corporatie zelfredzaamheid en eigen verantwoordelijkheid van bewoners stimuleren.

Lees hier het volledig nieuwsbericht van de CCV.

 

Drenthe eerste Regenboogprovincie van Nederland

Op 6 juli 2016 is Drenthe de eerste Regenboogprovincie van Nederland geworden nadat de Provinciale Staten van Drenthe hiertoe een motie heeft aangenomen. Drenthe wil hiermee een helder signaal afgeven dat zij zich sterk maakt voor de veiligheid, weerbaarheid en sociale acceptatie van lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen en transgenders (LHBT). Iedereen telt mee in de Drentse samenleving.

Nederlanders staan in vergelijking met mensen uit andere landen positief ten aanzien van LHBT-inwoners. Maar ook in Nederland is tolerantie geen vanzelfsprekendheid. Met name openlijke uitingen van homoseksualiteit kunnen nog altijd op veel afkeuring rekenen. Ook in Drenthe en Noord Nederland zijn incidenten bekend van (gewelds)incidenten.

Er valt dus nog wat te winnen op het gebied van sociale acceptatie. Om hierin een eerste stap te zetten hebben de fracties GroenLinks, PvdA, SP, D66, VVD, PVV, 50PLUS en Sterk Lokaal de motie “Drenthe Regenboogprovincie” ingediend tijdens de vergadering van 6 juli. Met deze motie wordt het college van Gedeputeerde Staten opgeroepen om zich samen met betrokken partijen in te zetten om de veiligheid, weerbaarheid en sociale acceptatie van LHBT-inwoners te bevorderen. De motie werd gesteund door alle fracties.

Lees hier meer op de website van de Provinciale Staten van Drenthe.